Food for Thought, Ondernemen, Rond BlueCity

“We hebben een burger ontwikkeld met een super lage ecologische impact en een voedingswaarde gelijk aan rund.” – Interview met Sander Peltenburg van de Krekerij

BlueCity-Circulaire-Economie-2019-maart-04

Het eten van insecten heeft veel milieuvoordelen en eigenlijk worden ze al over de hele wereld gegeten- behalve in het westen. Sander Peltenburg besloot daar verandering in te brengen. Samen met zijn compagnon George Brandenburg en enthousiaste team runt hij de Krekerij– lekkere, voedzame en verantwoorde producten op basis van krekels en sprinkhanen.

Met op het hoofdmenu de Krekelburger. “In een burger van 100 gram gaan ongeveer 12 krekels.” zegt Sander. Een sappige, hartige burger die hij zelf het liefst op zijn oosters eet. “Een goed broodje met daartussen een Krekelburger gebakken in knoflookolie, taugé, paksoi en sojasaus, die combinatie is echt heel erg lekker!”

Impact maken

de Krekerij

Sander kwam in aanraking met het eten van insecten tijdens zijn studietijd in Delft. “Ik hoorde over het eten van insecten op een TEDx event.” vertelt hij, “Er werd gesproken over de voordelen ten opzichte van het houden en eten van traditionele boerderijdieren. Insecten verbruiken 95% minder water, 85% minder voer en 90% minder land. En toen dacht ik, daar kan je echt een gigantische impact mee maken.”

Samen met een oude vriend, George, besloot hij niet veel later krekelmeel (dik poeder van gemalen krekels) te importeren vanuit Thailand. “We probeerden er bitterballen en gehaktballen mee te maken, maar die waren echt niet te eten,” zegt Sander lachend, “maar de burger die we maakten proefde oké, dus we besloten daarmee verder te gaan.”

Circulair productieproces

de Krekerij

Tegenwoordig importeert de Krekerij geen krekelmeel meer uit Azië, maar zijn ze zelf betrokken bij het hele productieproces. Een circulair productieproces wel te verstaan. “We kijken naar reststromen die vrijkomen uit de landbouw die prima door krekels gegeten kunnen worden,” legt Sander uit, “bijvoorbeeld broccoli blad, dat wordt weggegooid omdat ander vee het niet kan eten, maar krekels kunnen dat wel.”

Aan het einde van de rit wordt de cirkel ook weer netjes gesloten op de krekel boerderij. “We gooien niks weg, 100% van de output gaat naar ons toe.” zegt Sander, “De krekels gebruiken we uiteraard om krekelmeel van te maken, en de mest en het beetje zaagsel wat we overhouden wordt gebruikt om het land weer mee te bemesten.”

De Krekelburger

de Krekerij

Om van krekelmeel vervolgens een ready-to-cook Krekelburger te maken, is verrassend genoeg niet veel nodig. “We willen ons product zo natuurlijk mogelijk houden,” vertelt Sander, “en gelukkig kan dat doordat de krekel van nature een nootachtige smaak heeft die, over het algemeen, lekker wordt gevonden.” In tegenstelling tot veel vleesvervangers is het dus niet nodig om smaakstoffen en suikers toe te voegen. “De burger bestaat voor zo’n 30% uit krekels en 70% uit plantaardige voedingsstoffen zoals tarwe en veldboon.” sluit Sander af.

Zo snijdt de Krekerij met het mes aan twee kanten- een positieve impact op mens én natuur. “We hebben een burger ontwikkeld met een super lage ecologische impact, gelijk aan die van een vegaburger, maar met een hoge voedingswaarde, gelijk aan rund.” zegt Sander.

Daarnaast speelt de consumptie van insecten ook een rol in de zogenoemde eiwittransitie. “Vroeger haalden we 60% van onze proteïne uit plantaardige bronnen en 40% uit vlees,” legt Sander uit, “tegenwoordig zijn die getallen omgedraaid terwijl we eigenlijk terug moeten naar die oude verhouding.” Waarom? “Omdat de huidige vee industrie de groeiende vraag naar vlees simpelweg niet aan kan. Daarom is het interessant om te kijken naar alternatieve eiwitbronnen zoals insecten.” concludeert hij.

Van foodtruck naar BlueCity

de Krekerij

Overtuigend, toch? Sander en George dachten in ieder geval van wel, maar in de praktijk moest nog wel worden getest hoe je zo’n Krekelburger nou aan de man brengt. Gelukkig kregen ze daar de kans voor op het festival Welcome to The Village. “Het festival was super succesvol en leerzaam.” vertelt Sander, “We ontmoetten er Anne Luz die ons kon helpen met haar horeca ervaring en leerden veel over het verbeteren van de ervaring van de consument. Zo kwamen we er bijvoorbeeld achter dat mensen beter reageren op ‘krekels’ dan op ‘insecten’.”

Na een periode op verschillende festivals met een foodtruck te hebben gestaan, besloot het drietal over te stappen op een cateraar verdienmodel. “We kwamen in het get started programma van het Erasmus Centre for Entrepreneurship terecht en in de zomer van 2018 konden we onze eigen plek in BlueCity krijgen.” vertelt Sander.

De grens over

de Krekerij

Inmiddels zit het kantoortje van de Krekerij in BlueCity al aardig vol en heeft Sander een ambitieus team om zich heen verzameld. Dat mag ook wel, blijkt, als hij zijn plannen voor de toekomst uitstippelt. “Over 5 jaar liggen we in elke groothandel in Nederland en zijn we in 5 Europese landen aan het uitbreiden.” zegt Sander doelbewust. “Waarschijnlijk in de noordelijke landen zoals Duitsland en Denemarken, want daar bevindt zich de hoogste concentratie vegetariërs en eco tariërs,” maar, vervolgt hij lachend, “een warm land waar de zon veel schijnt lijkt me ook niet verkeerd.”

Wil je meer weten over de Krekerij? Kijk dan op hun eigen website of volg de Krekerij op Facebook en Instagram.

 

Circulaire catering in BlueCity

Trek gekregen? De Krekerij is onderdeel van de circulaire catering in BlueCity.

Voedsel produceren om vervolgens weg te gooien lijkt absurd – en is toch doodnormaal, zeker in de evenementenbranche. Dat moet niet alleen anders, dat kán anders! In BlueCity werken we aan circulaire catering en zero waste events. Geen verse aardbeien in de winter; wel siroop van Rotterdamse vlierbessen. Geen gewone bitterballen; wij maken ze van oesterzwammen en besparen daarmee 50 tot 90 liter water – per stuk. En burgers van krekels; gewoon omdat dat kan.

> > > Lees meer over circulaire catering.

 

Tekst: Manon Dijkhuizen, fotografie, tenzij anders vermeld: Sophie de Vos